Click to Choose Language

European
Picture 
Book
Collection

EPBC Home
Achtergrond bij het project
Handleiding voor leraars
EPBC-Boeken
Hoe bestellen
Chatline
EPBC-Contacten
Web Site Links
Nationaal Centrum voor onderzoek op het gebied van kinderliteratuur
Europese cursus voor Lerarenopleiding
keapoe.JPG (7562 bytes)
Motivering - Korte inhoud - Vertaling - Activiteiten - Reflectie


Land: Nederland
Taal: Nederlands
Titel: Kees en Keetje
Auteur: Buisman, J.
Uitgever: De Harmonie (1976)
ISBN: 9061690560
Gekozen door:  Bregje Boonstra,
Recensente van Jeugdliteratuur, Brockhorststraat 25 III, 1071 WN Amsterdam,   Nederland.

Verantwoording van de keuze :
Dit verhaal gaat over vrienden maken en vrienden verliezen, een universeel thema waarmee alle Europese kinderen vertrouwd zijn. Bovendien wordt de vriendschap hier weer hersteld door een favoriete Nederlandse kindermaaltijd.

Samenvatting:
Dit is een verhaal over twee egels die al een hele tijd   samenwonen. Ze namen elkaars   kleine onaangename gewoontes, zoals boertjes laten, slurpen, winderigheid en neuspeuteren er graag bij, want ze hielden van elkaar. Op een dag   beginnen al die onprettige gebreken hen zo erg   te irriteren dat ze besluiten uit elkaar te gaan. Ze moeten dan ook al hun bezittingen verdelen, en daar zijn   ze niet zo slim in. Zo neemt Kees het bed mee, en Keetje de matras! Wanneer ze elkaar tegenkomen kijken ze telkens de andere kant op. Op een dag ontmoeten ze elkaar en wat blijkt: allebei hebben ze de helft van hun favoriete maaltijd bij: frietjes en appelmoes (erg geliefd bij Nederlandse kinderen). Plots beseffen ze dat ze elkaar heel erg nodig hebben en ze besluiten het weer goed te maken.

Suggesties voor gebruik in de klas :
1.Werken rond de verhaallijn:

Vorm 3 duo's per groepje van 6 kinderen: A,B,C. Koppel tweetalige kinderen met kinderen die het Nederlands als moedertaal hebben. Gebruik een gekopieerd storyboard(zonder de tekst!) van Kees en Keetje: duo A bespreekt wat er gebeurt op elke prent van het eerste deel; duo B doet hetzelfde met het midden en duo C bespreekt wat er op de prenten van het laatste deel gebeurt. Elk A,B,C –duo gaat dan samen zitten met een overeenkomstig duo. In die nieuwe groepen wordt gepraat over de verschillende delen van het boek. Zijn er verschillende meningen? Moet er wat worden veranderd? De kinderen gaan weer in hun oorspronkelijk groepje van 6 zitten en bespreken een mogelijk ‘groepsverhaal': duo A schrijft het begin, B het midden en C schrijft het eind. Bespreek hoe de verschillende delen met elkaar kunnen verbonden worden. De kinderen werken weer in duo's en laat ze, per prent, één of meerdere zinnen schrijven. Hun verhaal moet kloppen met wat op de prenten staat. Weer in de oorspronkelijke groepjes, wordt het hele verhaal doorgelezen. Klopt het? Sluiten de drie delen goed bij elkaar aan? Moet er nog wat veranderd worden? Laat twee groepjes van 6 samenzitten: ze lezen elkaar hun verhaal voor. Geef positieve commentaar bij elk verhaal en geef suggesties voor verbetering. Het verhaal is nu klaar voor ‘publicatie'. Ga op het einde van de activiteit na, hoeveel tijd er werd besteed aan spreken en luisteren , aan lezen en schrijven.    .  

2. Taalkundige kennis – overeenkomsten tussen talen:
Laat de kinderen, aan de hand van de prenten en van wat ze weten over het verhaal de betekenis   achterhalen van deze Engelse zin: ‘They gave each other a big kiss' (Engelse vertaling van ‘Ze gaven mekaar een dikke kus' op p. 26). Bespreek hoe ze dat konden raden.

3. Taalkundige kennis- taalstructuren:
Vertaal p. 36 in het Engels.
Vergelijking van talen:
woorden die de kinderen al leerden: they = voornaamwoord; hetzelfde woord in het Nederlands: lamp, pan= zefstandige naamwoorden; gelijkend op het Nederlands, maar met verschillende betekenis: plate = zelfstandig naamwoord; vaak voorkomend: on/in = voorzetsels; the/it – het/de = lidwoord.

Zinsbouw:
Bespreek waarom regel twee tot vijf (in de Engelse vertaling!) niet met een hoofdletter beginnen.
Bespreking van de structuur ‘onderwerp-werkwoord-voorwerp-bijwoordelijke bepaling' in deze zinnen.
Vergelijk regel per regel de Engelse vertaling met de Nederlandse tekst.
Luister naar een Engelse opname van het fragment terwijl de Nederlandse tekst wordt gelezen. Vergelijk de verschillen tussen het lezen en het beluisteren van de tekst.

Reflectie:
Bespreek de overeenkomsten tussen het Nederlands en het Engels.
Zou het makkelijker zijn om Nederlands te leren in Engelse scholen dan om Frans of Duits te leren? Waarom zou je geen Nederlands kunnen leren in Engeland?
Ken je prentenboeken uit je eigen land die bepaalde aspecten van je cultuur/taal weerspiegelen? (Zoals de frietjes met appelmoes in   Kees en Keetje)


NB Nog meer literaire en linguïstische activiteiten vindt u in Picture Books sans Frontières verkrijgbaa r bij tb@trentham-books.co.uk of www.amazon.co.uk

De NCRCL website wordt gehost door Roehampton University

ncrcl January 2005